Loonse en Drunense Duinen

Dat Brabant een natuurrijke provincie is, hebben we je eerder al verteld. In onze complete gids vind je een handig overzicht, met landkaartjes, van alle grote natuurgebieden in Brabant.

In onze ‘Natuurgebieden in Brabant’-reeks willen we je meenemen, dieper de natuur in. We vertellen je graag meer over de uiteenlopende soorten planten en dieren die allemaal in Brabant voorkomen.

In dit deel van de reeks nemen we je mee naar een van de mooiste nationale parken die ons land telt: nationaal park de Loonse en Drunense Duinen. We vertellen je meer over de flora en fauna in dit park, en over de herkomst en activiteiten die je er allemaal kunt ondernemen. Hopelijk inspireren we je zo tot het brengen van een bezoekje aan dit prachtige natuurgebied, want het is een gebied dat je absoluut een keer gezien moet hebben!

 

Het ontstaan van de Loonse en Drunense Duinen

Loonse en Drunense Duinen

Zo’n natuurgebied van ruim 35 vierkante kilometer ontstaat natuurlijk niet zo maar uit het niets. De Loonse en Drunense Duinen zijn ontstaan aan het eind van de middeleeuwen. Het ontstaan van het gebied is grotendeels het gevolg van zandverstuivingen.

Die zandverstuivingen waren het gevolg van het steeds kaler wordende landschap in Brabant. Doordat de bevolking steeds sneller groeide, nam de druk op de boeren die er toen woonden toe. Zij waren natuurlijk grotendeels verantwoordelijk voor de voedselvoorziening. Doordat de bevolkingsdruk toenam lieten zij hun vee vaker grazen op de velden.

Dit leidde tot overbegrazing, waardoor het landschap steeds kaler werd. De begroeiing werd als het waren weggevreten van het land. Daarbij kwam dat de heide van het huidige duingebied vaak geplagd werd; stukken heigrond werden in grote mate weggehaald en gebruikt als bemesting van bouwland. De hei kon zich op een gegeven moment niet meer herstellen en de begroeiing kwam in steeds mindere mate terug, zodat stuifzand vrij spel kreeg in dit gebied.

Het verdwijnen van de heidegrond kreeg nog een extra zetje tijdens de Tachtigjarige Oorlog. Willem van Oranje voerde de zogeheten ‘tactiek van de verschroeide aarde’ uit in het gebied. Bij deze tactiek wordt alles van waarde – dus ook landbouwgrond – vernietigd voordat het in de handen van de vijand kan vallen. Er vonden steeds meer zandverstuivingen plaats.

Omdat die verstuivingen dus niet goed waren voor de heidegrond, werden er verschillende pogingen gedaan om het zand tegen te gaan. Onder andere door bomen en grassoorten te planten probeerde men het stuifzand tegen te houden. Vandaag de dag is dat anders: omdat dit vandaag de dag een uniek landschap van stuifzand is, wordt er nu juist hard gewerkt om het zand in de omgeving in stand te houden.

 

De samenstelling van de grond

Loonse en Drunense Duinen

Zoals gezegd bestaat het gebied dus voor het grootste deel uit stuifzand. Maar er zijn ook grote stukken naaldbos, en stukken heidegrond met allerlei verschillende soorten begroeiing, kenmerkend voor het gematigde zeeklimaat in Nederland.

Er is zelfs een deel van het nationale park dat uit natte graslanden bestaat. Dit deel het De Brand en ligt bij Tilburg en Haaren in de buurt. Door dit beekdal stroomt de Zandleij, die vanuit het noorden van Tilburg richting het noordoosten stroomt. Wanneer deze kleine rivier is gegraven is niet helemaal duidelijk, maar volgens schattingen moet dat ergens tussen de 14e en 18e eeuw zijn geweest.

In het zandlandschap is veel hoogteverschil; sommige duinen zijn wel 24 meter hoog, en die worden afgewisseld met diepere ‘kuilen’ van zand. Door het hele gebied kun je kleine vennen tegenkomen, die ontstaan doordat het regenwater op sommige plekken niet goed door de bodem weg kan zakken. Een helemaal droge woestijn is het dus niet!

 

Welke soorten planten komen er voor?

Loonse en Drunense Duinen

Juist dat grote verschil tussen de droge zandvlaktes en het vochtige gras van De Brand is interessant: zo’n contrast tussen twee totaal verschillende begroeiingen op zo’n kleine afstand van elkaar is uniek. Doordat deze twee gebieden zo van elkaar verschillen groeien er in de Loonse en Drunense Duinen ontelbaar veel verschillende soorten planten.

De bossen in en rondom de Loonse en Drunense Duinen zijn naaldbossen. Het zijn vooral dennenbomen, waarvan er een aantal behoorlijk groot en oud is; ze staan er deels al vanaf de 18e eeuw. Ook staan er nog een aantal eikenbomen. Deze werden vanaf de 14e eeuw geplant om het stuifzand tegen te gaan, en zijn dus al honderden jaren oud.

Qua lagere begroeiing vind je er verschillende soorten mossen, grassen en andere planten. Interessant is de zogenaamde pioniervegetatie: dit zijn een aantal soorten planten die groeien op windstille plekken waar het zand niet langer verstuift, en die op hun beurt er ook weer voor zorgen dat andere soorten planten en mossen hun gang kunnen gaan.

Naast deze ‘droge’ planten groeien in De Brand plantensoorten die het beter doen in een vochtige omgeving. Daar zie je bijvoorbeeld veel mooie witte bloemetjes, die groeien aan de plantensoort grote muur of aan de witte klaverzuring.

 

Plan nog meer uitjes:

En welke diersoorten kun je er allemaal zien?

En ook de dierenliefhebber hoeft zich in de Loonse en Drunense Duinen geen seconde te vervelen. Er zijn vele bijzondere diersoorten die je tijdens een wandeling door dit natuurgebied zo maar ineens tegen het lijf zou kunnen lopen.

Wat dacht je bijvoorbeeld van de das? Er wonen meer dan 100 dassen in de Loonse en Drunense Duinen. Dit kleine roofdier leeft ‘s nachts, en de beesten wonen in grote tunnelstelsels onder de grond, die soms heel groot kunnen worden. In de Loonse en Drunense Duinen is zelfs een dassenburcht gevonden die een oppervlakte heeft van 1600 vierkante meter! Het lijkt er dus op dat het nationale park een goede leefomgeving is voor de das. De dassen jagen op regenwormen en andere insecten, en ze zijn ook niet vies van plantaardig voedsel. Als je geluk hebt zie je er misschien wel eentje in het wild!

Ree

Ook komen er in de duinen veel reeën voor. Er zijn er meer dan honderd aanwezig, die verspreid over het gebied leven. Reeën staan erom bekend dat ze schuw zijn, dus de kans dat je ze tegenkomt is niet bijzonder groot. Je hebt de meeste kans om ze te zien bij het vallen van de avond; dan gaan ze vaak naar de randen van de bossen en velden toe.

In de natte grasvelden komen veel soorten amfibieën voor, zoals hagedissen, salamanders en kikkers. Af en toe wordt hier zelfs de zeldzame boomkikker gezien: een klein groen kikkertje met zwarte vlekken op zijn zij.

Voor de vogelaar is er in de Loonse en Drunense Duinen natuurlijk ook genoeg te zien. Zo komen hier verschillende soorten spechten voor; naast de bekende bonte specht hebben hier ook grote zwarte spechten hun nesten. Ook komt ‘s nachts de bosuil tevoorschijn om te jagen op muizen en andere prooien.

Als je geluk hebt kun je zelfs de zeldzame gele wielewaal spotten, of de blauwe kiekendief, een mooie roofvogel met een spanwijdte die rond een meter ligt!

 

Plan nog meer uitjes:

Het behoud van Loonse en Drunense Duinen

Loonse en Drunense Duinen schapen

Vandaag de dag worden de Loonse en Drunense Duinen beheerd door de Stichting Natuurmonumenten. Deze stichting houdt zich bezig met het in stand houden van de stuifzandgebieden, die uniek zijn voor Nederland. Tussen 2009 en 2013 werd ongeveer één vierkante kilometer (100 hectare) aan bossen gekapt, om zo de eikenbomen die er al eeuwen staan meer licht te gunnen.

Een andere reden voor het kappen van dit stuk naaldbos is, zoals hierboven al werd gezegd, het behoud van het stuifzand. Doordat het stuifzand voor een groot deel stil ligt kan het naaldbos steeds verder groeien. De zandvlaktes worden daardoor kleiner, en dit is niet goed voor de bijzondere planten en dieren die op de vlaktes voorkomen; deze dreigen hierdoor te verdwijnen.

Met het kappen van naaldbossen wil de Stichting Natuurmonumenten het stuifzand en de heidegrond dus in stand houden. En dat is maar goed ook, want het zou jammer zijn als zo’n bijzonder gebied verloren zou gaan. Naast het kappen van bossen graast er sinds 2010 een grote kudde schapen, die als het ware door overbegrazing de grond weer toegankelijk maken voor het zand.

 

Wat kun je in de Loonse en Drunense Duinen allemaal doen?

De Loonse en Drunense Duinen zijn prachtig, en daar wil je als bezoeker natuurlijk optimaal van kunnen genieten. Het hele gebied is vrij toegankelijk voor het publiek, dus je kunt er heerlijk op eigen houtje doorheen dwalen, op zoek naar de bijzondere planten- en diersoorten waar we je hierboven al over vertelden.

In de warmere maanden zijn de zandvlaktes ook populair als recreatiegebied. Gezinnen of groepen vrienden nemen een kleedje mee en brengen een middag door op het zand, picknickend of juist heel actief met verschillende sporten. Het is een mooie plaats om even helemaal tot rust te komen.

Als je liever een vooraf uitgestippelde wandelroute loopt, heb je keuze uit verschillende tochten. Deze variëren van 2,5 tot 4,3 kilometer, en lopen door de verschillende delen van het natuurgebied. Naderhand (of halverwege) stop je even voor een kopje koffie of borrel in één van de vele horecagelegenheden die het gebied telt.

Ook voor de fietsliefhebber wordt gezorgd: een fietsroute van 43 kilometer leidt je door het hele gebied heen. Een mooie manier om de Loonse en Drunense Duinen te verkennen!

En voor de echte sportieveling is er een mountainbike-route van 26 kilometer, door de bossen en door het stuifzand. Als je de hele route af hebt gelegd heb je wel een biertje verdiend!

 

We hopen dat we je enthousiast hebben gemaakt over dit prachtige nationale park in Brabant. De Loonse en Drunense Duinen zijn uniek, en je zult zien dat je elke keer weer iets nieuws ontdekt.

Welk deel van dit grote natuurgebied vind jij het allermooist?

En hoe breng jij er het liefst je tijd door?

Laat het ons weten in een reactie!

 

 

Bron: Stichting Natuurmonumenten